Pottenkijkers bij grafvelden in Dalfsen

Startmoment archeologisch onderzoek

Ik rijd over de brug. Aan de overkant van de rivier een prachtig kasteel. Toren trots staand, maar ik ben voor een ander doel in Dalfsen. Voordat het te laat is, en de nieuwbouwwijk uit de grond is gestampt, wil ik het grafveld bekijken. De omgeving is prachtig. Ik ben snel op de plaats van bestemming. Hier ligt een grafveld uit de tijd van de hunebedbouwers. Wat is er te zien uit dit verre verleden? 

Trechterbekercultuur

Ongeveer 5000 jaar geleden ontstonden her en der in Nederland kleine zelfstandige boerengemeenschappen. Archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat zij gewassen verbouwden, huisdieren hielden en bossen ontgonnen. De gebieden in Nederland waren buitengewoon nat. De mensen waren genoodzaakt om op hoger gelegen gebieden te wonen. Onderzoekers rekenen hen tot de eerste landbouwers. Het aardewerk was kenmerkend voor deze cultuur. Potten en pannen werden uitbundig versierd met randen en inkepingen. Bekers die het meest werden aangetroffen hebben een trechtervormige hals, waaraan deze cultuur haar naam ontleende, de Trechterbekercultuur.

Trechterbeker als grafgift

Trechterbeker als grafgift

Aan de Vecht in Dalfsen

In 2015 bewees een opgraving van ADC ArcheoProjecten uit Amersfoort dat er een trechterbekervolk langs de Overijsselse Vecht woonde. Omdat even buiten Dalfsen een nieuwe woonwijk wordt aangelegd, konden de archeologen aan de slag en werd de plek onderzocht. In feite kon dat ook niet anders, want het gebied voldeed aan de eisen die mensen in de Trechterbekertijd stelden aan de omgeving. Die moest hoger liggen tegen overstromingen, maar vlakbij een rivier voor de watervoorziening en visvangst.

Steentijd

De vondsten in 2015 overtroffen alle verwachtingen. Er kwam een heuse schat uit de Hunebeddentijd (Steentijd) boven water. Geen hunebed maar wel 123 (delen van) trechterbekers, duizenden aardewerkfragmenten, stenen bijlen, vuurstenen werktuigen, sieraden, sierkralen, kettingen, en een arm- of enkelbandje. De doden behoorden tot vier families, en kregen grafgiften mee. ‘O help, een echte schat, dat kunnen we helemaal niet’, zou een gemeentebestuurder (?) hebben uitgeroepen. Medewerkers en studenten kregen een zwijgplicht. Thuis, of in de collegebanken mocht er met geen woord worden gerept over deze opgraving, ook niet in het café.

Grafkuilen

In totaal zijn er 137 grafkuilen blootgelegd. De archeologen hebben zich verbaasd over de verschillen tussen de graven die ovaal, rechthoekig, met of zonder planken waren aangelegd, waarin kinderen, mannen, vrouwen, rijke en arme overledenen lagen begraven. Van skeletten vonden ze op een enkele kies en een stuk onderkaak na geen enkel spoor, maar de lichamen hebben in het zand een verkleuring nagelaten, de lijksilhouetten. Aan de verkleuringen van de lijkafdrukken te zien, werden de doden allemaal op hun linkerzij bijgelegd. Van negen silhouetten hebben ze de lengte kunnen bepalen; de gemiddelde lengte was rond de 1,60 meter lang. Dit getal zegt natuurlijk nog niets over álle Trechterbekervolkeren. Het zegt iets over deze bewoners, in het huidige Dalfsen.

Het grafveld wordt blootgelegd

Het grafveld wordt blootgelegd

Begraven en cremeren

Het grafveld in Dalfsen in het grootste uit de Trechterbekertijd dat ooit in Noordwest-Europa is gevonden. Mensen begroeven en cremeerden hun doden. Het grafveld markeerden ze door een grote heuvel aan te leggen met een omtrek van 30 bij 4 meter. De heuvel moet eeuwenlang duidelijk zichtbaar zijn geweest. Het grafveld is ongeveer 200 jaar, naar schatting van 2900 tot 2700 voor onze jaartelling, in gebruik geweest. Daarna is het in onbruik geraakt.

Pas in de Late Bronstijd (ongeveer 1200 voor Christus) ontstond er een nieuw grafveld en in de Vroege Middeleeuwen (500 – 750 na Christus) werden er opnieuw mensen begraven. Langs deze plek liep een weg, die eeuwenlang werd gebruikt, hoger gelegen, dus beter begaanbaar.

Een tweede schat in Dalfsen

De opgraving in Dalfsen leverde de archeologen nog een historisch sensatiemoment op. Even verderop, naast het trechterbekergrafveld, ligt een klein grafveldje uit de Vroege Middeleeuwen. Dit grafveld is jonger maar net zo bijzonder, omdat het de eerste keer is dat in Overijssel graven uit deze tijd zijn blootgelegd. Het grafveld stamt uit de Merovingische periode, en dateert uit ongeveer 500 tot 750. De lijkresten zijn beter bewaard, omdat het veld jonger is dan de graven van de hunebedbouwers. Ook hier weer doden die zowel werden gecremeerd of bijgezet.

Bloemfibula

Bloemfibula

In totaal zijn er uit de Merovingische tijd veertien graven aangetroffen, van ongeveer twee generaties van twee woonerven. Bij negen graven lagen (delen van) skeletten. Archeologen hopen dat ze ook sporen van bewoning zullen vinden, maar die zijn nog niet aangetroffen.

Wapens en sieraden

De vondsten, die als grafgift werden meegegeven, zijn spectaculair. In een graf van een echtpaar is een volledige wapenuitrusting gevonden, de vrouw droeg erg veel sieraden. In een ander graf is een emmer gevonden, een bronzen gesp, een bloemfibula (gesp) en een Romeins steentje. In een vrouwengraf is een kralenstreng van meer dan vierhonderd barnstenen kralen gevonden. Waren ze rijk? Hoorden deze doden tot een elite? Wederom een unieke vondst in Overijssel!

Waarschijnlijk wilden ook de bewoners uit de Vroege Middeleeuwen droge voeten houden, en begroeven hun doden dus even verderop van waar zij leefden. Wisten zij of er een Trechterbekervolk had gewoond? Wisten de inwoners van Dalfsen in de Middeleeuwen over de verborgen graven aan de rand van hun dorp? Tot ver in de twintigste eeuw liep er een weg, die al eeuwen werd gebruikt. Het kan wel zijn dat er in de volksoverleveringen verhalen de ronde deden over de grafheuvels. In ieder geval moesten de weggebruikers de heuvels goed hebben zien liggen in het verder zo vlakke Overijsselse landschap aan de Vecht. Tot 1962 is de weg in gebruik geweest.

Halssieraad

Halssieraad

Vrijwilligers aan het werk

De auto staat in de berm. In een weiland zijn mensen een meter dieper aan het werk. Er staat een tent. Aan historisch besef in Dalfsen geen gebrek. Terwijl ik rondloop zie ik jong en oud met spade en schep hard aan het werk. Het zijn vrijwilligers, die graag hun bijdrage aan het blootleggen van het verleden willen leveren. Ze vallen in hun blauwe shirts goed op. De verschillende groepjes worden goed begeleid door een archeoloog. Het is aan de werkwijze goed te zien dat de vrijwilligers goed zijn geïnstrueerd. Iedere scherf wordt voorzichtig uit de grond gehaald, gedocumenteerd en verzameld. Er is nog veel werk te doen in Dalfsen. Beide grafvelden en alle opgegraven voorwerpen worden nog verder onderzocht. Dan krijgen de doden de kans om hun verhaal over het verleden te vertellen. Daarna wordt het bovenop de grafplekken bebouwd.

 

Merovingisch vrouwengraf - reconstructie

Merovingisch vrouwengraf – reconstructie

Bronnen:

www.schatvandalfsen.nl

http://www.archeologie.nl (ADC ArcheoProjecten te Amersfoort)

Ginkel, E van en Verhart, L. Onder onze voeten. De archeologie van Nederland Bert Bakker (2009)

De afbeeldingen zijn verstrekt door ADC ArcheoProjecten, waarvoor mijn hartelijke dank!

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: