Botten omgeven door goud

Armband van Varnagoud (foto ES)Ik loop in het Dordrechts Museum. Op zoek naar de tentoonstelling spoed ik mij door de zaal die volhangt met allerhande kunst. Trap op. Snel een knipoog naar de gebroeders de Witt en door. Gelukkig. Varna. Schatten. En een skelet. Prachtig. Het ideale recept voor iets spannends, vermoed ik. Het oudste goud. Hoe oud? Dat moet ik uitpluizen.

Banden aangehaald

Dordrecht en de Bulgaarse stad Varna hebben sinds vijftien jaar een stedenband. Om dat te vieren is deze bijzondere tentoonstelling samengesteld. Varna is de grootste havenstad van Burgarije, en ligt aan de Zwarte Zee. De stad kent een bewogen en lange geschiedenis. Al in de kopertijd (5000-3000 voor Chr.) woonden hier mensen. Van 1391 tot 1828 was Bulgarije en daarmee Varna ingelijfd bij het Ottomaanse Rijk. Voordat de Bulgaren het in 681 veroverden, en de nederzetting Varna gingen noemen, woonden hier Grieken, en voor de Grieken bevolkten de Thraciërs de plaats. Thraciërs ken ik van hun goudsmeedkunst wat daarmee een thema lijkt te zijn van Varna.

Goud in de kopertijd

Al in de kopertijd, 5000 jaar geleden, ontdekten de lokale stammen het goud. Zij waren in staat om dit goedje uit erts goud en koper te winnen. Dat is (ik ben niet zo’n rekenwonder) toch 7000 jaar geleden. Dit was in een tijd vér voor de Romeinen, en het schrift moest nog worden uitgevonden. Zonder schrift, overgeleverde bronnen zijn er niet, maakten deze mensen de prachtigste dingen. Het goud dat te zien is in het Dordts Museum is zó mooi bewerkt, en in zo’n staat van perfectie, dat ik met stomheid ben geslagen. Hoe smeedden ze dat? Dit lijkt mooier dan wat de Thraciërs maakten, en bijna beter dan de Egyptenaren vervaardigden.

Het zullen wel onderdelen van een halssieraad zijn geweest, maar het blokje is massief.

Het zullen wel onderdelen van een halssieraad zijn geweest, maar het blokje is massief.

Potten, pannen en een godin

De tentoonstelling is klein, en daardoor overzichtelijk. Zo kan ik me fijn concentreren op de schatten die er uitgestald liggen. Met in mijn achterhoofd dat ik het skelet -het lekkerste- voor het laatst bewaar. Er ligt een skelet, zag ik in de folder. Langs de wanden staan potten en pannen opgesteld, die van een zo verfijnde makelij zijn, dat ik het nauwelijks kan geloven; 6000 jaar geleden, kopertijd. Potten en pannen die zo modern gedecoreerd werden, hoe kan dat? De beelden van de Meergodin komen daarentegen op mij weer wat gekunsteld over. Een mevrouw met piercings door haar lip en ringen in haar oren. Een primitief, bijna kinderlijke, kleine buste met ogen en neus ingekrast. Dit staat dan weer in schril contrast met de prachtige potten en pannen.

Deksel van een pot

Deksel van een pot

Een paar vitrines verder en de glans neemt toe. Goud. Heel mooi gepolijst, zonder polijstmachines, die hadden ze toen nog niet, maar zo te zien hadden ze wel veel geduld. Meestal zijn sieraden die eeuwenlang in de bodem hebben gelegen wat gedeukt en gehavend. Deze zijn perfect, alsof ze gisteren zijn gemaakt.

Gebruiksvoorwerpen en goud

Het blijft een mysterie. We weten niet hoe dit volk heette, of welke taal ze spraken. Schrift hadden ze niet. Welke religie hadden zij? Omdat er graanpotten gevonden zijn, gaan archeologen er vooralsnog vanuit dat ze ook landbouw bedreven. Het enige wat is overgebleven zijn honderden graven met gebruiksvoorwerpen, die heel mooi zijn, maar de gebruiksvoorwerpen voor het dagelijks leven waren nog mooier. Ik vind weinig wapens en oorlogstuig, zoals bij de Etrusken of Romeinen. Zou dit volk in vrede geleefd hebben? Gezien het vele goud, moet het hen voor de wind zijn gegaan. Toen het waterpeil van het meer (Zwarte Zee) steeg, aan het einde van het vijfde millennium werd de nederzetting verlaten. Alleen de doden bleven achter. Toegedekt door slib en water. Dit was de redding van het goud. Het water zorgde er uiteindelijk voor dat de sporen van dit volk niet volledig zijn uitgewist.

Mr. Varna, een man van ongeveer 45 jaar oud

Mr. Varna, de man stief toen hij ongeveer 45 jaar oud was.

Mr. Varna

Vele millennia later werd in de jaren ’70 een industrieterrein aangelegd. Het waterpeil lag op een niveau zoals wij dat nu kennen. Toen de graafwerkzaamheden begonnen, werden er 300 graven blootgelegd, met grafgiften, koperen werktuigen, potten, pannen, aardewerk, sieraden, kralen, van schelp, steen en goud. De vrouwen werden, zo bleek, met opgetrokken knieën liggend op hun zijde bijgezet. Mannen lagen op hun rug. Bezaaid met goud.

Dan de klapper; het graf met nummer 43. In het graf ligt een goede relica van een skelet. Spectaculair. Archeologen nemen aan dat het een belangrijk mannelijk persoon moet zijn geweest. Het gebit ziet er goed uit, beter dan dat van de meeste levende Nederlanders. Aan de zijkant staat een reconstructie van het gezicht van de man. Zo zou hij eruit gezien kunnen hebben. Haarinplant, kleur van de huid en kleur van de ogen kunnen we nooit meer achterhalen, maar wel de trekken in het gezicht, grootte van de neus, ligging van de ogen, dikte van de lippen. Iedereen is uniek, en daar horen schedels ook bij, een reconstructie levert daarom ook een uniek gezicht op. Ik sta oog in oog met iemand uit een ver verleden. Het beeld is zwart van kleur. Haar achterover (wat dus een gok is). Welke huidkleur had deze man? Had hij blauwe ogen? Dat zullen we nooit te weten komen. Het beeld heeft een vriendelijk-wijze blik. Fijne neus. Zouden dit aristocratische trekken zijn?

Maar dan, het graf. Of de man was heel rijk, of de samenleving vond het leuk met goud te strooien. Rondom het skelet liggen gouden schijfjes, prachtig gepolijst, ter hoogte van waar ooit zijn oren zaten liggen vele gouden ringetjes. Ik zie goud goud goud; kettingen, armbanden, een scepter (dus toch een heerser) en een peniskoker die op een plek ligt die elk vrouwelijk verbeeldingsvermogen te boven gaat.

Replica van het skelet uit graf 43

Replica van het skelet uit graf 43

Doordat het licht wat diffuus is, lijkt de expositie heel groot (en mijn foto’s wat wazig). Charmant is de muur waarop de ligging van de graven, met nummer in beeld is gebracht. De vrouwen op de zijde, met opgetrokken knieën, de mannen inderdaad op de rug. Een graf is goud omrand, dat is graf 43, waarvan het skelet en het portret te zien zijn. Een leuke tentoonstelling die mijn kijk op het verleden vergroot. Met een glimlach op mijn gezicht ging ik huiswaarts.

De tentoonstelling duurt tot en met 28 april dit jaar.

 

 

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: