C&C

Constantijn geschilderd door Michiel Jansz. van Mierevelt in 1641.

Constantijn geschilderd door Michiel Jansz. van Mierevelt in 1641.

Christiaan Huygens, geschilderd door Caspar Netscher in ongeveer 1671, Haags Historisch Museum

Christiaan Huygens, geschilderd door Caspar Netscher in ongeveer 1671 (Haags Historisch Museum).

Zonder Huygens geen computer, zou ik zeggen. Alleen over welke Huygens hebben we het eigenlijk? Constantijn? Vader of zoon? Of is het Christiaan? Bijna niemand weet het. Zouden ze in Frankrijk geboren zijn, dan hadden ze middenin Parijs een standbeeld en waren ze wereldberoemd. In Nederland duurt de roem een jaartje. Dit jaar, 2013 is het Huygensjaar, met name in Den Haag worden er veel activiteiten georganiseerd. Eigenlijk doen we de natuurkundige wetenschap, de familie Huygens en onszelf tekort; een (internationaal) feest zou het moeten zijn. Wie de tentoonstelling ‘Constantijn en Christiaan Huygens – een gouden erfenis’ in de Grote Kerk in Den Haag bezoekt (loopt tot en met 28 augustus 2013), weet waarom.Het is een zonnige zondag en eigenlijk wil ik op het terras zitten. ‘Eventjes dan, een klein uurtje en dan ben ik weer buiten’. Ik steek de straat over en loop de Grote Kerk aan de Torenstraat binnen. ‘Ik heb toch een museumjaarkaart’. Bij de kassa al valt me op dat de tentoonstelling mooi is opgezet. In zeven stappen, met zeven thema’s, wordt duidelijk hoe vader Constantijn en zoon Christiaan geleefd hebben, en waarom ze belangrijk zijn geweest voor Nederland (toen de Republiek). Zonder de familie Huygens had het er voor Nederland (en voor de wereld) heel anders uitgezien.

Constantijn Huygens (de vader, om het maar even voor het gemak te zeggen) werd geboren in 1596. Zijn vader was secretaris in de Raad van State. In 1627 trouwde hij met Suzanna van Baerle. Het was een gelukkig huwelijk, waaruit vijf kinderen (vier zoons en een dochter) voortkwamen. Suzanna, Sterre, zoals Constantijn haar liefkozend noemde, stierf kort na de geboorte van hun dochtertje. In de tentoonstelling komen twee kinderen aan bod, de oudste zoon Constantijn en zijn jongere broer Christiaan, aan wie de meeste aandacht wordt besteedt. Constantijn Huygens, de vader, sterft in 1687. Hij is dan 90 jaar oud. Na het overlijden van zijn Sterre is hij nooit meer getrouwd geweest. Hij had wel vriendinnen met wie hij musiceerde en correspondeerde. Zijn oogopslag doet vermoeden dat hij best van vrouwen hield. De tentoonstelling echter schenkt geen aandacht aan eventuele affaires. Misschien waren die er ook niet.

Huygens op de weg te plaveien voor de Oranjes in Engeland.

Propaganda van Huygens op de weg te plaveien voor de Oranjes in Engeland.

Aan Constantijn Huygens heeft Nederland (of beter, had de Republiek), op het gebied van de diplomatie en internationale relaties, veel te danken. Al vroeg bleek dat hij ambitieus en begaafd was. Hij wilde secretaris van de stadhouder (toen nog Maurits) worden, maar kwam niet door de sollicitatieronde. Toen Frederik Hendrik stadhouder werd en Maurits opvolgde, schreef Constantijn weer een brief. Dit keer lukte het hem wel en werd hij secretaris. De tentoonstelling laat heel duidelijk zien hoe goed die keuze is gebleken. Huygens kon goed netwerken en knoopte overal in Europa banden aan. In Europa bekeek men de Republiek met argusogen, maar omdat Frederik Hendrik prins van Oranje heette, had hij zijn titel mee. De ‘eeuwige vrijgezel’ trouwde op 42-jarige leeftijd met Amalia van Solms. Ze leefden met vorstelijke allure. Constantijn Huygens voelde zich als secretaris in deze omgeving als een vis in het water. Hij nam een belangrijke plaats in de bestuurlijke elite en dankzij zijn diplomatie wist hij banden aan te knopen met Engeland, waar later stadhouder Willem III koning zou worden.

Ik zet een stap over de drempel en ben in de Oranjezaal van Huis ten Bosch. Een geweldige replica. Zo’n kans krijg je niet snel weer, om de Oranjezaal van binnen te zien. De Oranjezaal is in 1647 in opdracht van Amalia van Solms geschilderd. Frederik Hendrik was dood, en zij was gek van verdriet.

Nagebouwde replica van de Oranjezaal van Huis ten Bosch

Nagebouwde replica van de Oranjezaal van Huis ten Bosch

Ter nagedachtenis van haar man, misschien was het -onbewust- therapie, wilde zij iets oprichten. Jacob van Campen, Gerard van Honthorst, Jan Lievens en Jacob Jordaens (om maar een paar bekende schilders te noemen) hebben er onder anderen aan meegewerkt. Een ongelofelijk -haast on-Nederlands- interieur. Beatrix heeft er in ieder geval van kunnen genieten; het was haar woonplek.

Constantijn kreeg vier zoons. Zijn tweede zoon, Christiaan, was zoals we dat nu zouden noemen, hoogbegaafd. Op zijn zestiende volgde hij colleges rechten in Leiden. Hij verveelde zich een beetje, en studeerde hij ook natuur- en wiskunde (toen aangeboden als één vak). Als kind was hij al met onderzoek bezig. Hij bouwde zijn eigen sterrenkijker. Christiaan bleek in diplomatie niet zo goed als zijn vader; hij was veel meer een wetenschapper. De manier waarop wetenschappers tegenwoordig onderzoek doen, is ooit als eerste beoefend door Christiaan Huygens. Kort gezegd komt het hierop neer: hij was de eerste die uitging van een bepaalde vraag. Hierop liet hij een theorie los, die hij vervolgens door waarneming toetste. Tenslotte ging hij na of de theorie klopte of aanpassing nodig had. Deze manier van beredeneren en theoretiseren wordt in grote lijnen nog steeds in de wetenschap toegepast.

Christiaan ‘Big Hair’ werd geboren in 1629 en stierf in 1695, acht jaar na zijn vader, ziek en zwak maar alles voor de wetenschap. Hij was eigenzinnig en eigenwijs. Toen zijn

vader Constantijn vroeg of hij zijn nieuwe uitvinding, een soort voorloper van powerpoint (een camera obsura) wilde laten zien aan het Franse hof, was hij gepikeerd. Hij was toch geen tovenaar, die een kunstje vertoonde! Hij was een wetenschapper! Zo moesten ze hem benaderen, niet als iemand die kinderspeelgoedjes bouwde. Na aandringen van zijn vader stuurde hij toch de camera obscura op, maar liet een lens achterwege. Voor de Franse koning was er niets te zien, vader Constantijn ging af. Desondanks werd hij -onder andere door Newton- zeer gewaardeerd als wetenschapper. In 1663 werd hij gevraagd om lid te worden van de Royal Society in Londen. De huidige Fransen hebben nu nog steeds iets aan hem te danken: in Parijs richtte hij samen met anderen in 1666 de Académie Royale des Sciences op.

Bijzonder vind ik het als ik verder loop. Echte brieven. De brieven die in de vitrines liggen zijn écht door Constantijn geschreven. Door hem vastgehouden. Er ligt een brief van Rembrandt. Rembrandt, een rockster in die tijd, de wereld en de toekomst liggen voor hem open, is zijn afspraken niet nagekomen. In de brief aan Constantijn staat een flauw smoesje. Ze zeggen wel dat Constantijn de ontdekker is geweest van Rembrandt.

Ik maak een swype en ik zie een bekende kop. Een filmpje waarin bevlogen wordt uitgelegd hoe de uitvindingen van Christiaan in zijn werk gaan en wat voor invloed zijn wetenschap nog op ons heeft. Het is de professor van De Wereld Draait Door, Vincent Icke. Voor een natuurkundeleek zoals ik, wordt het allemaal heel duidelijk.

Christiaan ontdekt de maan Titan bij Saturnus en broedde uit hoe het zat met de ringen rond Saturnus. Er waren toen vele ideeën over. Een planeet met oren, ja ja, nu komt dat standpunt belachelijk op ons over, maar zonder Christiaan zou het nog lang geduurd hebben voordat we de ringen hadden ontdekt. Misschien is niet zozeer de ontdekking zelf, als wel de denkwijze en de manier waarop de ringen (en dus zoveel andere dingen) ontdekt konden worden -namelijk door het riedeltje: het opstellen van een vraag, de theorievorming, het empirisch waarnemen en het indien nodig weer herzien- heeft de wetenschap voorgoed veranderd, en naar een hoger niveau getild.

Zelf geslepen lens door Christiaan Huygens

Zelf geslepen lens door Christiaan Huygens

Een trap. Spannend. Je mag erop. Ik zie een sterrenkijker, telescoop voor mijn part. Het arme ding is van zijn steunpuntjes gedonderd. Hij ligt er wat sneu bij in de lange vitrine. Bruikleen van Museum Boerhaave. Bijna schiet mijn gemoed vol. Mijn hart wordt warm. Wat ben ik blij dat we zo’n museum hebben. Christiaan die tussen pakweg 1635 en 1680, geduldig en geniaal aan die kijker heeft gewerkt, lensjes heeft geslepen, het in elkaar heeft gedingest. Met zijn zelfgemaakte kijker de hemellichamen bestudeerde en tot de ontdekking kwam hoe het nou zat met Saturnus, en kreeg er als extra ontdekking een bonusmaantje bij… (in welke volgorde dan ook). Diezelfde kijker wordt nog steeds bewaard, door een conservator of beheerder in het Boerhaave. Wat een erfgoed. Wat geweldig. Ik kijk door een replicakijkertje en snap het niet. Zag hij het zo? Wazig! Onduidelijk! Ik snap het niet. Wat zie ik!? Mijn hersens laten me in de steek. Heel in de verte (in de kerk) hebben ze in verhouding aan een steunbeer een knikkertje bevestigd. Alles precies in verhouding, volgens het bordje. Dit zou dan Saturnus moeten voorstellen. Alleen zet de lens alles op zijn kop. Dan valt het kwartje. Tuurlijk! Het staat op zijn kop. De lens draait alles om, dat is -naast het vergroten- iets wat lenzen doen. Nog meer respect voor Huygens.

Op de afbeelding zijn bovenin de sleden zichtbaar die de kracht van de slinger verdelen.

Op de afbeelding in het midden bovenin zijn de sleden zichtbaar die de kracht van de slinger verdelen.

De tijd kan me niets meer schelen als ik op mijn horloge kijk en ik besef dat ik mijn horloge eigenlijk te danken heb aan Christiaan Huygens. Hij was gefascineerd door de kracht van de beweging en heeft het onderzoek van Galilei voortgezet. Twee grote slingers hangen in de kerk. Ik wil ermee spelen. Dan mag. De ene is snel uitgeslingerd, maar de andere gaat dankzij een idee van Christiaan langer en gelijkmatiger door. Hij bouwde twee halfronde sleden vanaf het middelpunt van de slinger. De touwen van de slinger worden door de sleden tegengehouden, maar de kracht wordt ook gespreid. De volgende stap is het gewicht en hop we hebben het gelijkmatig lopend slingeruurwerk.

Beide Huygensen (Constantijn en Christiaan) zijn in deze Grote Kerk aan de Torenstraat begraven. Ik ga op zoek. Achter de plek van het koor hangt een plaquette. Dit is niet het graf. De grafsteen eronder is ook van iemand anders. Ongeveer drie meter er vanaf zie ik het graf liggen. Het valt eigenlijk, ondanks de grootte van de steen, niet op. Tegen de regels in maak ik een foto. Mijn eerbetoon aan Huygens, C&C.

Klaar. Rijker, gelukkiger en wijzer ga ik naar buiten. Het miezert een beetje.

Het graf van Constantijn en Christiaan Huygens in de Grote Kerk, Den Haag.

Het graf van Constantijn en Christiaan Huygens in de Grote Kerk, Den Haag.

Bronnen: eigen ervaring en www. huygenstentoonstelling.nl

Foto’s : zijn gratis van de site http://www.huygenstentoonstelling.nl te plukken, voor zover ik goed ben geïnformeerd door de aardige baliemedewerkers. Mocht een van de makers toch problemen hebben met publicatie ervan op dit blog, laat het me dan weten, dan haal ik ze er ogenblikkelijk vanaf. Foto van het graf heb ik, met toestemming van de vriendelijke suppoost, zelf gemaakt.

Meer info : http://www.hofwijck.nl; http://www.huygenstentoonstelling.nl

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: